Einmal ist Keinmal
Met de traagheid waarmee
de beelden van een videoband slijten
wordt de toekomst zichtbaar.
Als ik opsta wil ik alles terug vinden.
Voor ik ga slapen ruim ik alles op.
Een pluizige klit uitgevallen haren
in een leeg pak houdbare melk.
Ik trek binnen aan en stoot buiten af.
Om vruchtbare grond zal gevochten worden.
Op de plek waar mijn nagels het behang niet krabden
turf ik de dagen. De dag dat ik de sleutel opvrat
is de leegte voor de eerste verticale kras.
Ik kies verleden.
Als de wekker gaat, weet ik dat ik moet eten.
Na drie maanden ben ik verder gekomen
dan denken dat alles zich herhalen zal.
Ik zie dingen.
De rotte appel in de fruitschaal
op de trui die ik al weken aan heb
blijkt een gezicht te zijn
dat alsmaar naar mij kijkt.
© Sander Koolwijk, 2011